Lijnbaansgracht

LijnbaansgrachtBehoudens de straten waar ik zelf heb gewoond in de stad is er geen stukje Amsterdam te vinden waar ik zoveel voetstappen en herinneringen heb liggen als op de Lijnbaansgracht. Om precies te zijn het stukje van die gracht tussen de Rozengracht en het Leidseplein. Een klein stukje Amsterdam van pak ‘m beet vierhonderd meter waar ik vele hectoliters bier naar binnen heb geslagen, ontelbaar veel optredens heb gezien, vrouwen heb veroverd, vriendschappen voor het leven heb gesloten  en waar ik tot op de dag van vandaag mijn geld verdien. De plek waar ik voor het eerst plaatjes mocht draaien, in de Korsakoff, en daar nog geld en drank in ruil voor kreeg ook! Ik was twintig en ik vond het al geweldig om in de tent waar ik toen bijna dagelijks kwam een keer plaatjes te mogen draaien. Dat ik er ook nog een roestig stuivertje voor kreeg vond ik leuk meegenomen. Ik had toen dus al het zakelijke instinct van een bos prei.

De straat waar ik ooit mijn eerste modeshow heb gelopen! Zei ik modeshow? Ja, dat zei ik. Toen ik nog jong en lekker was ben ik ooit eens ’s nachts, terwijl ik vanaf de Lijnbaansgracht, dronken huiswaarts waggelde richting Amsterdam-West, op straat aangesproken en mocht ik, na enkele ‘catwalktrainingen’ meelopen in de modeshow die bij de ‘Verkiezing van de bestgeklede man van het jaar’ hoorde, georganiseerd door Esquire Magazine. Dat was in 1998. Die bestgeklede Nederlander was dat jaar Pim Fortuyn, met wie het later dus nog slecht zou aflopen. Die show werd georganiseerd in een zaal die Amuse Bouche heette, schuin tegenover de Melkweg. Tegenwoordig kennen we die plek als The Sugar Factory.  Ik kreeg daar toen het astronomische bedrag van honderdvijftig gulden voor. Dat vond ik destijds heel veel poen waar ik niet echt veel voor hoefde te doen behalve een paar rondjes over zo’n catwalk paraderen. En van die anderhalve meijer kon ik in die tijd namelijk zeker een keer of vijf leuk stappen, dus wat mij betreft was het gevonden geld. Als ik tegenwoordig ergens heenga met het equivalent van honderdvijftig gulden, zeventig euro, ben ik al blij als er de volgende ochtend nog wat kleingeld in de poeplap zit. Ik stond vol in de schijnwerpers, droeg mooie pakken, de lange haartjes waren strak naar achteren ingevlochten en ik vond het prachtig. Na die show ben ik voor nog twee opdrachten gevraagd en dat was dan weer het einde van mijn ‘modellencarrière’.

En de Melkweg. Die magische plek waar ik al dik vijftien jaar mijn geld verdien. Een ietwat uit de hand gelopen liefhebberij, want wie me op mijn 21e had gezegd dat ik op mijn 36e nog steeds hetzelfde werk zou doen die had ik op laten sluiten. Ik wilde gewoon even een paar jaar keten en dan vanzelf een keer in een ‘grotemensen-baan’ rollen, iets met verantwoordelijkheden en zo. En toen was ik ineens 36.  Maar goed, het is allemaal gelopen zoals het is gelopen en ik heb nergens spijt van. Ik heb bakken vol gein gehad, geweldige mensen ontmoet, de meest legendarische optredens gezien en die zaken zijn wat mij betreft onbetaalbaar.

En dan heb ik het nog niet eens gehad over de plekken die  in de directe omgeving van dat voor mij zo legendarische stukje stad liggen. De Soundgarden op de Marnixstraat die zomers het fijnste terras van de stad heeft, het busstation met daarachter die steiger waar we vroeger na het uitgaan vaak gingen ‘nazitten’ tot de zon weer opkwam, een vette bek halen bij Ben Cohen op de Rozengracht of die hele vieze snackbar Ma Baker (ook wel bekend als Makaber), Café de Koe om de hoek bij het Raamplein, De Lux en de Weber op de Marnixstraat die ik altijd met elkaar verwar en natuurlijk mag ik de buren van de Korsakoff, het Maloe Melo van Ome Jur, niet vergeten. Tevens is de Lijnbaansgracht de enige plek waar ik ooit een paar uurtjes in de cel mocht doorbrengen omdat ik het nodig vond om tegen een huis te pissen en vervolgens de toevallig passerende smerissen die daar wat van zeiden een bijdehante bek te geven. Vroeg in de ochtend mocht ik weer weg toen ik mijn seizoenkaart van Ajax als enig identificatiebewijs bij me had en de dienstdoende agent ook een vurig Ajax-supporter bleek te zijn. De beloofde boetes voor zowel het wildpissen als wel mijn dronken bijgoocheme gedrag heb ik nooit gekregen.

En natuurlijk verandert alles. Amuse Bouche is de Sugar Factory, naast en boven de Melkweg is de nieuwbouw van de Rabozaal verrezen en Korsakoff is sinds een paar maanden een groot speciaalbiercafé dat de naam ‘Tripel’ draagt. De Lijnbaansgracht kabbelt onverminderd voort in al zijn prachtige prachtigheid, van de Jordaan tot vlak voor het Leidseplein en na het Leidseplein gaat ie weer verder tot richting de Wetering. Alsof er niks is veranderd.

Van deze schrijver is ook de verzamelde column-bundel ‘Kroegkronieken’ te koop, Amsterdamse kroegverhalen met ballen! Stuur een mailtje naar rodney@rodzooi.nl of stuur een PB-tje aan de schrijver op zijn Facebookpagina dan schrijft ie er nog wat leuks in voor je ook!

1 Comments

  1. Hoe verzinnen ze het, de best geklede man van Nederland. Verdeel en heers! Maar heel leuk dat je
    dat gedaan hebt, met ingevochten haar zelfs.

    Reply

Leave a Comment.