In Nederland hoor je over het algemeen wel uit welke regio iemand ongeveer vandaan komt. Plat Amsterdams is de voertaal in mijn kroeg, het sappige Rotterdams van mijn vrienden aldaar, het heerlijke Haags uit de koffietent, het prachtige Leids van mijn schoonvader, Brabants, Limburgs of het Gronings van mijn oer-Groningse makker Henk: onmiskenbare accenten.
In Griekenland praat iedereen voor mij gewoon Grieks. Ik hoor het verschil niet omdat ik de taal niet machtig ben. Maar dat is er natuurlijk wel. Toen ik aan mijn vriend George vroeg of ze in Athene, waar de dochter woont konden horen dat hij uit Kreta komt antwoordde hij met een volmondig ‘ja’!
Als je er op let en je maakt de vergelijking met Nederlandse dialecten dan zou je het Kretens als een soort Limburgs kunnen zien. Het klinkt zachter en zangeriger. Elke vakantie gaan wij wel een keer naar de markt in Tymbaki. Zo spreek je dat ook standaard uit, maar hier zeggen ze ‘Timbassjj’. En de raki die ze hier na elke maaltijd voor je neerzetten is voor een ouwe Kretenzer ‘raasji’.
Maar sommige taaldingen zijn algemeen Grieks. Neem nou het woord ‘malaka’. Het is eigenlijk een belediging. Het betekent ‘sukkel’ of ‘klootzak’ en de letterlijke betekenis is ‘rukker’.
Maar je kunt ‘malaka’ op verschillende manieren gebruiken. Het is de toon die maakt hoe men de Sirtaki danst.
Zo kun je als man best je vrienden aanspreken als Malaka, dan betekent het zoiets als ‘hey bro’, ‘hey gap’ of ‘hey gozer’. Maar als je ruzie met iemand hebt, wat tamelijk onmogelijk is in dit lieflijke dorpje dan betekent een boos geschreeuwd ‘malaka!’ wel degelijk dat de afzender je een klootzak of een sukkel vindt.
En hoewel je malaka dus vriendschappelijk kunt gebruiken zal ik dat niet snel zeggen tegen mijn Griekse vrienden hier. Straks gebruik ik het in een ongepaste of verkeerde context en dan komt het raar over. En daarbij hoef ik niet de gevatte Griek uit te hangen hier.
In Amsterdam spreek ik mannen doorgaans aan met ‘ouwe’ of ‘gap’ en meisjes of vrouwen doorgaans met ‘lieverd’ of ‘schat’. Of formeler of bij mensen die ik niet goed genoeg ken gewoon bij voornaam. En dan korten we in Amsterdam de voornaam meestal ook af. De meeste mensen noemen mij ‘Rod’ of in sommige kroegen waar ik kom ‘ome Rod’. ‘Ome’ is toch een soort eretitel in de kroeg. Die moet je hebben verdiend. Dan heb je wat kiloliters op de teller.
Ik zit dit te schrijven terwijl ik op het terras van de plaatselijke snackbar zit te wachten tot mijn bestelling klaar is om mee te nemen. Onder meer een lekkere Souvlaki, of zoals ze hier zeggen ‘Souvlachi’.