Rodweek 99 Pippi Langkous

De afgelopen week was een rare. Zo stonden mijn gabber en ik ineens te juichen voor Feyenoord. Niet omdat we nou ineens voor Feyenoord zijn, maar we zijn gewoon voor iedere club die tegen PSV speelt, dus dat verklaart ons wat vreemde juichende gedrag tijdens PSV-Feyenoord afgelopen weekend.

Nog gekker was het dat ik, buiten het feit dat we allebei Indo-bloed hebben, toch nog een andere overeenkomst met Thierry Baudet bleek te hebben: als ik het ergens niet naar m’n zin heb loop ik ook gewoon weg. Of het nou om werk of om een stom feestje gaat: als ik het ergens niet leuk of gezellig vind neem ik de pleiterik. Het leven is te kort om je op plekken te begeven waar het niet leuk is, toch? Maar ik zal nooit weglopen voor kritieken of directe aanvallen op mijn persoon.

Of ik begreep dat de grote boreale leider wegliep bij de roast van Martijn Konings zoals hij dat eerder ook bij onder andere Emma Wortelboer en Simone Weimans deed? Nee dus. De roast van Konings was verre van humoristisch. Het was een aanval met twee gestrekte benen. Niet eens bedoeld om grappig te zijn maar om een racist te fileren. Met feiten. Dan kun je weglopen of je kunt een vent zijn en blijven zitten en de aanval pareren. Baudet koos voor het eerste. Dat zou ik dan weer niet doen. Hij wist natuurlijk op welke punten hij zou worden gepakt, dus dan moet je ook zo stoer zijn om die gozer terug te pakken. Maar Baudet deed wat ie altijd doet zodra het leven moeilijk wordt: weglopen omdat hij er in de voorgehouden spiegel nou eenmaal niet zo mooi uitziet als hij denkt.

Maar onze Thierry liep weg als een bange Tante Poes. Als ik heel complottheorie-achtig zou denken zou ik bijna aan een één-tweetje tussen Thierry en Martijn denken. ‘’Hey thanks man, hier heb je duizend euro, dit TV-moment levert me heel veel stemmen op!’’

Maar nee, ik ben totaal niet complotterig aangelegd en ik ben ook niet zo’n hele snelle wegloper. Sterker nog: ik ben een wandelende comfortzone. Als ik het ergens naar m’n zin heb dan ben ik bijna niet van mijn plek te slaan. Ik heb bijna 20 jaar in mijn huis in Amsterdam-West gewoond, bijna 20 jaar in de Melkweg gewerkt en ook op andere plekken lang gewerkt. Ik werk vrijwel nergens voor een maandje ofzo. Maar soms is het gewoon tijd om eens verder te kijken  en dan ga ik.

Niet dat ik het achter de bar in Café de Toog niet naar mijn zin heb, want anders was ik allang weggeweest: nee, het is gewoon tijd voor wat anders. En dat anders houdt dus in dat ik de zorg in ga! Sinds de tweede lockdown ben ik werkzaam in een verpleeghuis. Had je me dit een jaar geleden verteld dan had ik je zelf in een tehuis laten opsluiten. Maar de zorgsector heeft me gegrepen en ik ga nu een opleiding tot verpleegkundige volgen. Een leer/werktraject waarin ik binnen twee jaar tot gediplomeerd verpleegkundige word omgeschoold. Een prachtige nieuwe uitdaging. En omdat ik als zelfbenoemde Mr. Comfortzone ook weer niet helemaal gelijk uit mijn bubbel wil stappen blijf ik tot wanneer mogelijk nog minimaal een dag in de week achter mijn vertrouwde barretje staan. Omdat ik het werken in de horeca simpelweg te leuk vind. Ik kan niet wachten tot de terrassen weer open mogen, ik weer bier mag tappen en met mijn dienblad over het terras mag paraderen.

Of het werk in de zorg me gaat bevallen? Geen idee. Of ik het kan? Geen idee: maar ik ga altijd graag voor het adagium van Pippi Langkous: ‘’Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan!’’ Ik loop er in elk geval niet voor weg.

En die ouwe Rodzooi heeft ook een nieuw boek uit: ”Het nut van een gebreide condoom”. Bestellen kan via rodney@rodzooi.nl of via Facebook Rodney Rijsdijk. Voor €15,- kun je het boek ophalen in Amsterdam-Centrum of voor €19,50 stuur ik de PostNL-duif je kant op.

  

Bejaardenblog 6 Vossenjacht

Op de valreep van het godvergeten 2020 las ik het bericht dat er momenteel roedels op seks beluste vossen door de binnenstad van Amsterdam ronddwalen. Vossen van het mannelijk geslacht die op jacht zijn naar vrouwtjesvossen. En zo hebben we in ‘het rode lichtjes district’ waar ik woon geen last meer van dronken toeristen die op zoek zijn naar vrouwen die ze tegen betaling mogen bestijgen, maar van vossen die op vossenjacht zijn. Kennelijk. Want ik heb ze nog niet gezien. De rosse buurt is tegenwoordig dus de vosse buurt.

Ik ging maar weer eens naar mijn eigen oude vossen in het verpleeghuis. Het lijkt soms wel alsof ze elkaar een beetje aansteken in hun gedrag. Zo kunnen ze ineens allemaal tegelijk heel lief zijn of juist zomaar ineens collectief strontvervelend. Alsof ze het afspreken. En zo hadden mijn oude vossen vorige week ineens een dag dat ze allemaal tegelijk moe waren. Het ontbijt en de lunch is altijd gezamenlijk, maar drie van de zeven bewoners verkozen om op hun kamer te blijven en de andere vier zaten alleen maar te knikkenbollen of gewoon te pitten. Misschien hadden ze de feestdagen nog niet helemaal verteerd.

Karel zat er wel, maar was duidelijk nog niet scherp. Karel is doorgaans nogal gecharmeerd van mij, maar nu herkende hij me niet eens en vroeg hij wie ik was.
‘’Ik ben het, Karel: Rodney. Normaal vind je me altijd zo’n mooie man, wat is dat nou?’’
‘’ Oh… Nou… Je lijkt me wel een aardige jongeman inderdaad.’’

Ik hielp hem met eten en thee drinken en daarna viel hij aan tafel in slaap. Ingeborg die vaak op haar praatstoel zit sliep ook veel en Leo is doorgaans weliswaar aartslui maar hij is altijd wakker genoeg om het personeel allerlei opdrachten te geven. Je kan niet langs hem lopen zonder dat hij een opdracht voor je heeft. Dan moet je ook nog vijf keer vragen wat hij wil, want hij is nogal moeilijk verstaanbaar. Dat kan behoorlijk irritant zijn. Nu dus niet, die lag ook aan tafel te slapen. Klara de eeuwig vrolijke downie was ook moe, lag ook te pitten en dat is ook niks voor haar. Dus daar stond ik dan. Drie bewoners nog in bed en de vier in de eetkeuken lagen allemaal te pitten. Dan duurt de ochtend ineens lang. Ik begon zelfs de onverstaanbare commando’s van Leo te missen. Nou ja, bijna dan. Zoals je een wortelkanaalbehandeling mist, zeg maar. Gelukkig delen we onze gemeenschappelijke liefde voor Ajax waardoor we toch wel een leuke band hebben.

Rond lunchtijd begon iedereen weer wat wakkerder te worden en waren ook de uitslapers inmiddels aangeschoven op hun vaste plek. Er kwam weer wat leven in de brouwerij. Ingeborg en Ramona begonnen weer te kibbelen als twee kleine meisjes, Eduard wilde weer lekker veel eten, Klara zat weer lekker te lachen en Leo dacht weer eens dat de hele wereld om hem draaide en begon zoals ik dat van hem gewend ben met onverstaanbare commando’s te vuren die ik dan weer kon pareren. Heerlijk. De dag was eindelijk begonnen. Al duurde dat behoorlijk lang die dag. Het leek wel of de klok achteruit liep.

Noortje werd ook wakker. Zij slaapt sowieso veel. Ik kreeg in het begin heel erg moeilijk contact met haar. Haar spraakvermogen is heel erg moeizaam. Ze praat geen lange zinnen en dan ook nog op fluistertoon. Ze lacht wel altijd heel lief. Ik hielp haar met eten en zei dat ze een mooie lach had en dat haar haren mooi gekamd waren. Ze lachte haar mooie lach weer naar me.
‘’Hey ben jij daar, Robbie?’’
‘’Ja, ik ben het, Noortje. Neem je een hapje voor me?’’
 “Ja….’’
‘’Moet je wel even je mond open doen hè?’’
‘’Oh ja…’’
‘’Zeg eens AAAAA…’’
En zo help ik haar dan met eten. Slokje thee tussendoor.  

En ook Karel was inmiddels weer wakker geworden. Hij begon Sinterklaasliedjes te zingen. Op zijn galmende volume.
‘’Karel, je weet dat het net kerst is geweest hè?’’
‘’Ja, dat weet ik wel, maar ik vind Sinterklaasliedjes leuker!’’
Karel kan af en toe nog bijzonder scherp uit de hoek komen.

Hij herkende mij ook ineens weer als ‘’de mooie man’’. Ik hielp hem met z’n eten.
‘’Ah, dank je wel, mooie man!’’
‘’Smaakt het lekker, Karel?’’
‘’Heel lekker! Verrukkelijk zelfs!’’
‘’Mooi zo!’’
‘’Net als jij, want jij bent mijn lekkertje!’’

Yep, Karel was weer wakker en er op zijn manier weer helemaal bij. Zo zie je maar: de vos verliest wel z’n haren, maar niet z’n streken.   

PS: De namen van bewoners en medewerkers zijn in het kader van de privacy gefingeerd.

Voor Bejaardenblog 1: klik hiero

Voor Bejaardenblog 2: klik daaro

Voor Bejaardenblog 3: klik andere daaro

Voor Bejaardenblog 4: Klik weer andere daaro

Voor Bejaardenblog 5: Klik dan maar weer hiero

En die ome Rodzooi heeft ook een nieuw boek uit: ”Het nut van een gebreide condoom”. Bestellen kan via rodney@rodzooi.nl of via Facebook Rodney Rijsdijk.